Home   Locatie   Weer   Roeien   Materiaal   Foto's   Links   Nieuwsbrief juni 2011   Bestuur/Contact   

Verhaal van de maand

Op deze plaats met de regelmaat van de maand een verhaal van Frans.
Onderaan een lijst met alle verhalen.


Van horen en zien, Sail 2010 roeierssaluut

Om 6.00 uur verzamelen op een parkeerterrein in Hoorn is één, op tijd opstaan is iets anders, dus was iedereen op tijd.

Het roeierssaluut beslaar 1 ½ uur, van 9.00 uur tot 10.30 uur. Peace of cake, fluitje van een cent, alleen…… maar alles op zijn tijd, we moeten nog vertrekken. R.V. de Kop uit Anna Palowna was zo genereus om de Amstel en de Witte Wolk mee te nemen op hun botenwagen. Op zaterdag zouden de boten opgehaald worden, dus moesten de riggers er op vrijdag afgehaald worden en moesten meteen alle andere handelingen aangaande de roeitocht verricht worden. Het kostte een hoop tijd. Zwemvesten zouden verplicht zijn, (was niet waar) dus moesten er 8 zwemvesten geregeld worden. De checklist van Peter werd afgewerkt, de auto’s werden gevuld waarna het ”tot morgen” klonk.

Als toeschouwer drentel je op de kade langs de schepen, de neus gevuld met de alom aanwezige geur van knakworst, dan wel je besluit een tall-ship te bezichtigen waarmee in de meeste gevallen de dag weer een uur gevorderd is aangezien er nog een paar mensen het zelfde idee hebben, maar ik loop op de zaken vooruit want de zaterdag moet nog aanbreken.

Op zaterdagochtend kwamen leden van de kop, waarna, na de koffie, de boten op de kar geladen werden. De RIEMEN werden met landvasten op de daken van twee auto’s geladen en de colonne zette zich in beweging richting RIC, onze gastheer of gastdame tijdens het roeierssaluut. Op een belendend terrein, een opslag voor bouwmaterialen, mochten de botenwagens overnachten. Boten afladen, op schragen leggen, riggeren en wat al niet meer. Het zijn maar een paar regels maar het kostte uren en tijdens het werk was er een onderwerp dat de boventoon voerde: het weer van de volgende dag. Er wordt wind en regen verwacht, ach misschien valt het mee, ja vallen doet het, de wind neemt af, laten we hopen dat het mee valt, je hebt het toch niet in de hand.

Lopen is minder vermoeiend dan drentelen en drentelen is precies wat je doet tijdens Sail langs de kaden. Als je gaat lopen val je op en uit de toon dus je drentelt en je verlangt naar koffie. De juiste plek voor een onvervalst Amsterdams bakkie troost was een tent waar koffie zoals de Italianen het willen te koop was. Dacht ik. Want op mijn vraag naar koffie kreeg ik te horen dat het daar nog veel te vroeg voor was. Trouwens we moeten nog opstaan en verzamelen dus ik loop weer vooruit op de zaken die nog komen moeten.

Drie auto’s reden in de nacht naar RIC, waar ze bij aankomst niet eens de eersten waren. Grote bedrijvigheid bij de botenwagens en gelukkig was het vooraf aangekondigde spook van te weinig parkeergelegenheid met vakantie. Boot na boot ging te water en natuurlijk waren er voordringers. Haast waarschijnlijk, maar waarvoor?

Zelf begon ik aan mijn wandeling van Amsterdam-Zuid neer Amsterdam-Noord. Foto’s maken was mijn doel. Door Amsterdam lopen om 7.00 uur op zondagochtend doe je niet alleen. Dat doe je samen met daklozen, marktkraamopbouwers, café-uitbaters die hun terras klaar maken voor weer een dag, politieagenten en nog meer daklozen en in de buurt van het Centraal Station reizigers, komende en gaande. Dit alles ging voorbij aan twee jonge vrouwen die voor het Amstel-station onder een boom op het gras op en tussen hun bagage lagen te slapen. I Amsterdam.

Roeivereniging de Hoop aan de Amstel was het verzamel- en startpunt voor alle deelnemers aan het saluut. Vandaar ging het in colonne door Amsterdamse grachten richting IJ. Wie Sail een beetje heeft gevolgd, hetzij via T.V. dan wel via de kranten is de term ”georganiseerde chaos” wellicht tegengekomen. De deelnemers waren onderdeel van die georganiseerde chaos en dat zouden ze merken, maar als ik dat nu vertel zou ik vooruit lopen op wat komen gaat. Bij vertrek bij de gastvereniging kregen alle deelnemers een boekje met informatie omtrent wat wel en wat vooral niet mocht en wat de bedoeling was. Anders gezegd: hoe het idealiter zou moeten gaan. Het boekje lezen moest wegens tijdgebrek achterwege gelaten worden. Er moest gevaren worden.

Een paar zinnen uit dit boekje: Vanaf het Oosterdok moet een gesloten Armada gevormd worden en moet er in kiel-linieverband gevaren worden. Laat geen gaten vallen. Roei rustig en geordend. Voor het pauzepunt: Draag uw deelnemerskaart ( ongeplastificeerd papier, zonder touwtje er door en zonder speld ) steeds duidelijk zichtbaar. Laat geen waardevolle spullen achter in de boot. Als u even moet wachten, accepteer dat, niemand heeft haast. Geduld is een Schone Saeck.

In afwachting van de dingen die komen gingen, (ruim 200 boten) drentelde ik langs de kade op zoek naar het beste plekje voor foto’s. Alle tijd om naast de schepen ook naar de steeds grotere hoeveelheden bezoekers te kijken en naar ze te luisteren. Opvallend was dat er werd gegeten. Broodje worst, broodje beenham en gevulde koeken leken favoriet. Er was teleurstelling te horen doordat de schepen nog geen bezoekers toelieten.

”Laten ze dan wat vroeger uit hun bed komen, wij zijn er toch ook’’

”Nee joch, dit zijn zeilschepen hoor, zeilschepen, die hebben geen motor hoor, ja misschien een heel kleintje voor als het niet anders kan”

“Knip nou toch’s af. Ja maar er staat steeds ook iemand anders op. Ken je verwachten op Sail.”

”Goed plan van jou, eerst koffie.” Die wist het nog niet van die Italianen.

Opeens waren er C2-s en C4-s, voorafgegaan door een begeleidend schip. In het kielzog van dit schip volgde een boot of zes en daarna niets. ”Laat geen gaten vallen, vorm een armada en vaar in kiel-linie” Minuten later volgden er steeds meer en was van een kleine armada sprake. Imposant. De Kogge had een Nederlandse vlag achter de stuur en een geusje op de voorplecht. Het was niet uniek maar boten zonder vlag voerden de boventoon. Het herkennen van eigen leden bleek veel lastiger dan gedacht, ook al doordat vele deelnemers opeens een rood petje op bleken te hebben. Plotseling zwaaide Wanja met haar vlaggetje naar me omdat Afra me ontdekt had. Het leven is vaak een feest. Vlak voor de Kruzenstern, een van de grootste schepen, stopte een C1. De (oude) roeier was duidelijk aan het eind van zijn krachten en kreeg de riemen niet meer boven water. Roeister (ook oud) en stuur moesten van plaats verwisselen. De man knielde en vormde een balletje waar de vrouw overheen moest kruipen. De boot schommelde vervaarlijk. Een man naast me vroeg wat die twee aan het doen waren. ”Ze ruilen van plaats”was mijn antwoord. ”Lekker plekkie om dat te doen” Het kwam goed maar het was kantje boord en dat alles zonder zwemvesten.

De roeiers genoten ieder op hun eigen wijze van hun vaartocht langs de afgemeerde schepen. Niet iedereen bleek even vaardig. Menige stuur zou bij ons het vaardigheidsbewijs niet gehaald hebben. Er werd soms doorgeroeid waar het commando houden eerder op zijn plaats was dan laat lopen. Er werd soms een andere boot geraakt en vaak was er net op tijd een hand die erger voorkwam. Tijdens het roeierssaluut zouden gemotoriseerde boten zo veel mogelijk buiten de route van de roeiers gehouden worden. Wens en werkelijkheid lagen meerdere keren mijlenver uit elkaar. Flinke golven zorgden voor water over de boorden en in de boten en de hoosblikken waren niet voor niets meegenomen. Bijkomend verschijnsel was, zeker in drie gevallen, een afwijkend, sissend geluid in de boot. Zwemvesten die bij nood zichzelf opbliezen, waren onder in de boot opgeborgen. Het ventiel kwam onder water, S.O.S. en het zwemvest was klaar voor redding. Er werden foto’s genomen vanuit de boten, vaak staand in de boot, eerst de stuur, dan de slag en tenslotte de boeg. Nummer twee had geen camera of was verstandig. Er waren boten die met de regelmaat van de klok stil gingen liggen en er waren boten die kennelijk met hun eigen wedstrijd bezig waren en als een speer voorbij schoten. Iedereen had op eigen wijze gelijk want als je niet voor jezelf zorgt, een ander doet het niet en als die ander dan even de dupe is dan is dat een gevolg van de georganiseerde chaos. Dat zag je na afloop van het roeien op de plaats waar de boten weer op de karren moesten, maar zover zijn we nog niet. De deelnemers moeten nog lunchen. Er ging overigens ook heel veel goed.

Zelf slenterde ik trouw de via oplichtende letters en pijlen aangegeven route van Sail. Talloze mensen deden hetzelfde en aan de reacties die links en rechts te horen, kon je jezelf afvragen of iedereen wel plezier had in het gebeuren. Kinderen werden afgesnauwd omdat ze niet wilden wat de ouders wel wilden. De piratenpont was te klein of het aanbod was te groot of de mensen wensen niet meer te lopen dan nodig is. De wachttijd was opgelopen tot boven het uur en dat betekende dat veel mensen tegen hun kinderen zegden dat het te laat werd, dat ze dan te laat bij tante Annie kwamen en dat ze een volgende keer wel naar de piraten gingen. Een volgende keer. 2015 De meute ging in de rij staan voor de pont, dus wachtte ik op de pont. Aan de overkant gekomen moest ik na een kleien tien minuten lopen in de rij voor de volgende pont. Deze bracht me naar het C.S. Deze pont moest wachten omdat de Piet Hein voorrang kreeg wat iemand op de pont er toe bracht om heel hard te roepen dat beroepsvaart voorrang had. De hele route kost een beetje tijd, je krijgt pijn in je voeten maar je ziet veel schepen, een kunstwerk van hoogwerkers, je hoort en ziet Zijlstra met band en je kunt niet anders dan vaststellen dat het allemaal prima geregeld was.

Bij de lunch ging het net even anders. Of deelnemers moesten hoognodig naar het toilet, of ze hadden vreselijke honger of ze hadden stoeltjespijn van het zitten of ze hadden er gewoon genoeg van, feit was dat voordringen, wegduwen, de pikhaak gebruiken ten koste van anderen schering en inslag was, ook wellicht door te weinig aanlegplaatsen maar hoofdzakelijk door haast. Geen Schone Saeck. ”En dat allemaal voor een broodje” verzuchtte een deelnemer. Geluncht kon er worden op een grasveld, leuk als de regen van maandag op zondag naar beneden gekomen was. De organisatie van deze lunch en het gedrag van een fors aantal deelnemers leek verdacht veel op een georganiseerde chaos.

Op de terugweg kwam ik geen daklozen meer tegen, de twee jonge vrouwen waren wakker en waarschijnlijk op reis, op hun plek zaten nu een jonge vrouw en een jongen man temidden van hun bagage te kaarten. Nog steeds I Amsterdam. Terecht dat deze woorden over de volle lengte van het Centraal Station in alle talen van de deelnemende schepen te lezen was.

Ook bij RIC was haast voor velen een belangrijk item en ging er soms het een en ander ten koste van anderen. Jammer.

Vermoeid maar tevreden en voldaan werd afscheid genomen en werd de weg naar Onderdijk ingeslagen waar we vlak achter de botenwagen van de Kop arriveerden. Boten afladen, naar ons terrein vervoeren, weer afscheid nemen en vermoeid, maar even diep adem halen, noblesse oblige, de boten weer vaarklaar gemaakt. Nog een keer koffie, afscheid en naar huis voor de onvermijdelijke maar zeer verdiende borrel.

Voor de deelnemers het einde van een zeer speciale dag die nog wel even in de herinnering zal blijven hangen en wie nog even na wil genieten: er zijn voldoende foto’s gemaakt.





Alle verhalen

Van horen en zien
Miserstand
Toeval bestaat (niet)
Watertaal
De vrijwilliger
Cryptotocht
Over het water
Verkeersles
Kano
Epiricoloso sporghesi


 




Is het roeiweer ?

Login voor leden
My fleet


Toercommissie
Verhaal van de maand


Roeicommando's
Bevoegdheden/examens


Lidmaatschap
Beleid